Search

Follow me

RSS feed

Archive

2018   2017   2016   2015   2014   2013   2012   2011   2010   2009   2008   2007   2006  

Welcome /  Blog /  2018-04-doc2 Pluraliteitsvereiste gehandhaafd; zwak beargumenteerd

2018-04-doc2 Pluraliteitsvereiste gehandhaafd; zwak beargumenteerd

HR 24 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:488 (Säkaphen GmbH/Carrecon-Piguillet B.V.) vast aan het pluraliteitsvereise. Ik stem daarmee in, maar hij gebruikt wel 2 zwakke argumenten, overwegend: 'In dit verband is mede van belang dat voornoemd doel [handhaving pluraliteit, Wess.] ook in het wetgevingsprogramma Herijking Faillissementsrecht tot uitgangspunt wordt genomen, en dat het pluraliteitsvereiste hierin niet ter discussie wordt gesteld. Dat de wetgever het pluraliteitsvereiste onderschrijft, blijkt ook uit de wetsgeschiedenis van het in 2012 ingevoerde art. 212ha Fw.’ Op eerste argument (wetgevingsprogramma Herijking Faillissementsrecht) is het nodige af te dingen. Het wetgevingsprogramma is in een zestal onderdelen uitgesplitst. Het pluraliteitsvereiste is een meer dan een eeuw oud principieel beginsel dat met het doel van het faillissement te maken heeft. Een discussie over doelstellingen van insolventiemaatregelen heeft wel plaatsgevonden c.q. vindt plaats naar aanleiding van de voorstellen voor wetgeving inzake continuïteit van ondernemingen, zij vindt echter niet plaats in samenhang met doelstellingen van andere insolventiemaatregelen (surseance, schuldsaneringsregeling). Coherentie in de gehele systematiek van de insolventiewetgeving, waarom nagenoeg eensluidend door de literatuur wordt verzocht, zou tot een herwaardering (waaronder ook expliciete vastlegging in de wet) van het pluraliteitsvereiste kunnen leiden. Ook  het tweede argument (wetsgeschiedenis van het in 2012 ingevoerde art. 212ha Fw) is zwak. In de door de A-G in haar conclusie aangehaalde toelichting bij de invoering van art. 212ha (MvT, Kamerstukken II, 33 059, nr. 3) komt het woord ‘pluraliteit’ of ‘pluraliteitsvereiste’ niet voor. In deze MvT geeft de wetgever er evenmin blijk van te hebben nagedacht over pluraliteit. Dat was ook niet nodig omdat art. 212ha (i) onderdeel uitmaakt van een geheel eigen stelsel, namelijk het faillissement van een bank, (ii) de bepaling de uitdrukking is van bijzondere interventiewetgeving ten aanzien van financiële ondernemingen, (iii) waarbij de faillissements-test ten aanzien van de schuldenaar (een bank) ook een andere is, en (iv) ook de summierlijke toets afwijkt van die bij een gewoon faillissement. Hoe dit zij, de praktijk zal voorlopig met pluraliteit moeten leven.