Search

Follow me

RSS feed

Archive

2017   2016   2015   2014   2013   2012   2011   2010   2009   2008   2007   2006  

Welcome /  Blog /  2016-12-doc4 De sprong naar morgen, in België

2016-12-doc4 De sprong naar morgen, in België

‘De sprong naar het recht van morgen: hercodificatie van de basiswetgeving’, dat is de titel van het in België op 6 december j.l. door Minister van Justitie Koen Geens gepubliceerde wetgevingsplan. Zij wordt ‘hercodificatie’ benoemd, en wordt gepresenteerd (in het Woord vooraf) als ‘… een uitnodiging tot dialoog aan de maatschappelijke actoren en alle actoren van Justitie in het bijzonder. Ook als we zeggen wat we gaan doen, en doen wat we gezegd hebben, kan het resultaat slechts bevredigen en gedragen zijn mits voldoende overleg.’ Leidend uitgangspunt voor deze hercodificatie is het vereiste van toegankelijkheid voor iedereen voor alle bronnen van het recht, in het bijzonder de ‘basiswetgeving’. Daartoe behoren in België onder meer het Strafwetboek, het Wetboek van strafvordering en het Burgerlijk Wetboek. Op het terrein van het burgerlijk recht zijn in België hercodificatiepogingen mislukt. De oorspronkelijke 19e eeuwse tekst is nog geldend, maar het Belgische BW is door de tijd heen ingrijpend gewijzigd op zo’n wijze afbreuk is gedaan aan de systematiek en de leesbaarheid. Daarnaast is bijzondere wetgeving geïntroduceerd die naar Belgische begrippen in de basiswetgeving thuishoort: ‘Het Wetboek van koophandel … werd op het einde van de 20e leeggeroofd door bijzondere wetgeving, zoals het insolventie – en het verzekeringsrecht, of door hercodificatie op meer beperkte domeinen zoals het economisch recht of het vennootschapsrecht’. De geldende regels moeten helder en kenbaar zijn en het adagium (ik zou zeggen loze slogan) dat ieder wordt geacht de wet te kennen (‘nemo censetur ignorare legem’) vergt eenvoudige kenbaarheid van het recht. België (met Nederland) staat in de rechtstradities dat de belangrijkste regels die van algemene gelding zijn en dus relatief bestendig tegen verandering, ordentelijk worden gebundeld in heldere wetboeken die kunnen geraadpleegd worden – sinds enkele jaren – op de website van de Federale overheidsdienst Justitie. De gepresenteerde voorstellen zijn door experts in overleg met regering opgesteld. De nu ingezette ‘brede consultatie’ zal toelaten ‘… om op een transparante wijze tot een zo ruim mogelijke consensus te komen.’ Ik maak een enkele opmerking bij het ondernemings- en het insolventierecht: 1 Exit WvK Onder de kop ‘Ontmanteling van het Wetboek van koophandel en afschaffing van het onderscheid tussen handelszaken en burgerlijke zaken’ worden voorbeelden gegeven (faillissementsrecht, vennootschapsrecht) van onderdelen die uit het Belgische WvK zijn verdwenen. De hercodificatie wil de laatste eilandjes van recht (onder meer zee- en binnenvaartrecht en vervoersverzekering) uit het WvK integreren in het Wetboek van economisch recht (WER). Een vergelijkbare ontwikkeling voltrok zich in Nederland, maar hier wordt de laatste stap (exit NL WvK) niet gezet, zie Schelhaas en Wessels, Algemene inleiding, in: Schelhaas, Verheij, Wessels (red.), Bijzondere overeenkomsten (2016), nr. 11. 2 Afschaffing onderscheid tussen burgerlijke en handelszaken Dit geschiedt onder meer door de introductie van een uniform ondernemingsbegrip, waardoor (ook bij ons) bekende noties als handelaar en koophandel verdwijnen c.q. onder de noemer van het ondernemingsbegrip worden gebracht: ‘Dit meer eigentijdse ondernemingsbegrip is veel breder op te vatten dan de handelaar en omvat omzeggens elke activiteit die een zelfstandige natuurlijke persoon of een rechtspersoon verricht. Het is een functioneel begrip dat de toepasselijkheid van publiciteit, boekhouding, soepel bewijs, snelle rechtspraak en (dis-)continuïteitsrecht vergt, opdat zowel wie onderneemt, als wie met ondernemingen handelt, de aangepaste rechtsbescherming zou krijgen’. Bestaande verschillen in behandeling tussen ondernemingen met een burgerlijke en handelsaard in bijvoorbeeld het bewijsrecht, hoofdelijkheid en insolventierecht verdwijnen.' Het gaat beslist te ver om te beweren dat de ideeën uit mijn VU-oratie uit 1988 ‘Beroep, bedrijf en onderneming’ nu in België zijn doorgedrongen. 3 Omvorming van de rechtbank van koophandel tot de ondernemingsrechtbank De algemene bevoegdheid van de rechtbank van koophandel zal worden geënt op het nieuwe algemene ondernemingsbegrip. Die (aan het Franse recht ontleende) rechtbank van koophandel zal voortaan de ondernemingsrechtbank heten. Ook de rekrutering van de rechters in handelszaken – lekenrechters gekozen uit het ondernemingsleven die daar meestal hun hoofdbezigheid hebben – moet de nieuwe bevoegdheid van de rechtbank weerspiegelen. Ook landbouwers, vrije beroepen (bijvoorbeeld de maatschap) en non-profit ondernemingen (VZW) (die onder het nieuwe ondernemingsbegrip vallen) moeten worden vertegenwoordigd: ‘Zij worden dan ondernemingsrechters in een ondernemingsrechtbank’. 4 Insolventierecht in Boek XX WER De insolventie van ondernemingen is geregeld door de Wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen en de Faillissementswet van 8 augustus 1997. Zij regelen de sanering van ondernemingen in moeilijkheden (continuïteit van de ondernemingen) respectievelijk de vereffening van ondernemingen die niet langer gezond en levensvatbaar zijn (faillissement). Als ‘Krachtlijnen van de hervorming’ gelden hier om deze wetgeving inzake insolventie ‘samenhangend en bevattelijk’ te integreren in een Boek XX van de WER. Daarbij gelden de navolgende uitgangpunten: i de nieuwe tekst zal algemene beginselen bevatten die gemeenschappelijk zijn voor beide procedures en vervolgens afzonderlijke delen met de specifieke regels voor elke procedure; ii er wordt gekozen voor een volledig elektronische procedure, met als basis een Centraal Register Solvabiliteit dat zal bijdragen ‘… tot efficiëntere en snellere procedures … tot tijdswinst, kostenbesparing, vereenvoudiging en een daling van de werklast bij de griffies’. iii het bereik van de insolventieprocedure wordt uitgebreid om alle onderneming (zie hiervoor) te omvatten; iv teneinde de goederen van die nieuwe categorieën ondernemingen zo goed mogelijk te beheren, wordt voorzien in de mogelijkheid om ‘insolventiefunctionarissen’ aan te stellen die gespecialiseerde kennis hebben van de betrokken sector; v de invoering van een ‘stil faillissement’ wordt voorgesteld, dat het ‘… voor een onderneming mogelijk maakt om op een discrete wijze en zonder publicatiemaatregel een echt faillissement voor te bereiden. Die mogelijkheid bestond in de praktijk voor de grote ondernemingen en krijgt nu een wettelijke basis’; vi de facilitering van ‘het tweede kans ondernemen’ wordt voorgesteld: ‘Mislukken mag niet langer een stigma zijn. In dat kader wordt bijvoorbeeld de mogelijkheid gegeven aan de schuldenaar om, tijdens een faillissementsprocedure, een nieuwe activiteit op te starten, waarvan de inkomsten buiten de boedel vallen. In dezelfde lijn worden heersende discussies in de rechtspraak en rechtsleer inzake de regels rond verschoonbaarheid opgelost’; vii de invoering van een minnelijk akkoord buiten een gerechtelijke reorganisatieprocedure, waarbij het akkoord, indien de partijen dat wensen kan worden gehomologeerd en uitvoerbaar kan worden verklaard: ‘Dit heeft een werklastvermindering voor de rechtbanken tot gevolg’; viii de invoering een coherent geheel van regels inzake aansprakelijkheid van de bestuurder, mét de invoering van het concept ‘wrongful trading’; ix het insolventierecht wordt aangepast aan de nieuwe EU Insolventieverordening, en naast bevoegdheidsregels ‘… wordt voorzien in mechanismen voor de samenwerking en de communicatie tussen de insolventiefunctionarissen en de rechtscolleges van verschillende lidstaten indien een insolventieprocedure een grensoverschrijdend karakter heeft'. Systematisering (i) en modernisering (ii – iv) van het bestaande Belgische insolventierecht en aanpassing aan de concepten van Europees recht (EIR recast, zie http://bobwessels.nl/2015/09/2015-09-doc14-short-note-on-eir-recast/, en voorgestelde Restructuring Directive (zie http://bobwessels.nl/2016/11/2016-11-11-restructuring-directive-published)/, zijn de karakteristieken van deze ‘hercodificatie’. Voor genoemd wetgevingsplan, zie https://cdn.nimbu.io/s/1jn2gqe/assets/1481026673705/De%20sprong%20naar%20het%20recht%20voor%20morgen.pdf